De laatste bijeenkomst wordt geopend door Koos. Hij geeft een presentatie over Social Media en mobile devices.
Mobile devices:
Voorbeelden van mobile devices: tablets, smartphones, SkoolMate, laptops/notebooks, fototoestel met wifi (direct uploaden naar Social Media).
Al deze mogelijkheden wordt steeds meer geintergreerd in 1 device.
Sifteo cubes: programmeerbare blokjes. Hoort dit nu bij mobile devices?
Wat maakt de smartphone smart?
Alle functies die er op zitten, de technologie is continu in ontwikkeling.
Wat is het belangrijkste kenmerk van een mobile device en op welk element van TPACK heeft het de meeste invloed?
De techniek is beschikbaar, maar hoe pas je het toe? Pedagogisch gezien met je nog steeds de keuze maken. Denk aan een standaard les maar voeg hier het tablet aan toe. Wat verandert er dan. Eerst zie waarschijnlijk meer betrokkenheid, maar is dit ook op lange termijn? Wanneer je met bijvoorbeeld Socrative werkt, kun je de betrokkenheid wel meer stimuleren en controleren. Er verandert verder weinig. Je moet bewust kiezen bij welk doel de mobile devices aansluiten. Hierdoor beinvloedt het dus vooral je didactiek: je denk na over wat het doel is en kiest bewust voor een werkvorm.
Alleen in de school brengen van techniek brengt weinig verandering met zich mee. Visieontwikkeling is het allerbelangrijkste.
Het maakt je leren flexibel. Je kunt op alle plaatsten leren.
Op welke segmenten van de 21st century skills passen de mobile devices? Bij welke vakken kun je ze het beste inzetten?
Waar heeft een mobile device de meeste meerwaarde?
Samenwerken: De samenwerking zal veranderen, wij voorspellen dat kinderen juist individualistischer zullen worden zonder de juiste sturing.Communicatie: op communicatiegebied zul je zien dat sommige kinderen makkelijker kunnen communiceren. Maar in de algemeenheid zijn wij bang dat de communicatie van mindere kwaliteit wordt. Je kunt wel overal communiceren.Probleemoplossend denken: dit zal verlegd worden: de toegang tot Google maakt dat kinderen een antwoord al snel op kunnen zoeken en niet zelf hoeven na te denken. Je kunt makkelijk anderen inschakelen om informatie te vergaren.Creativiteit: Kinderen denken wel creatief na over problemen.Kritisch denken: door bijvoorbeeld te werken met stellingen en een programma als Socrative bevorder je het kritisch denken. Of door een vraag te stellen en kinderen op zoek te laten gaan naar antwoorden.ICT geletterdheid: dit is meer een voorwaarde om te kunnen werken met Mobile Devices.Sociale en culturele vaardigheden: doordat de communicatie makkelijker verloopt, en de wereld kleiner wordt, kun je meer begrip voor verschil in cultuur krijgen.Filmpje: google glassRathenau instituut heeft een studie gedaan naar intieme technologie (technologie in je lichaam).Technologie wordt onderdeel van ons lichaam en daarmee van onze identiteit.Er wordt steeds meer van deze (medische) technologie toegepast in het dagelijks leven.Denk aan de armbandjes die je draagt en informatie doorgeven aan je mobiel.Uitzending van DWDD over Steve JobsscholenTablet kan hier een goede aanvulling hier op zijn. Maar er wordt veelal gebruik gemaakt van bestaande apps, mis je hier niet iets? Komt alles wel aan bod?Intieme technologie: welk effect heeft dit op onderwijs? Nu? Over twintig jaar?Je zult meer een coach worden, de kennis ligt niet meer alleen bij jou maar is algemeen beschikbaar.Je zult meer aandacht op school krijgen voor de basisvaardigheden en de sociale vaardigheden. Hoe vind je deze informatie? Wat kun je er mee?Sociale Media:Definitie op www.social-media.nl, kennisplatform voor social media marketing."Social media is een verzamelnaam voor alle internet-toepassingen waarmee het mogelijk is om informatie met elkaar te delen op een gebruiksvriendelijke en vaak leuke wijze. Het betreft niet alleen informatie in de vorm van tekst (nieuws, artikelen). Ook geluid (podcasts, muziek) en beeld (fotografie, video) worden gedeeld via social media websites. Met andere woorden, social media staat voor 'Media die je laten socialiseren met de omgeving waarin je je bevindt'."We bespreken de definitie.We kunnen ons hier wel aardig in vinden. Het woord 'leuk' past misschien niet in een definitie, sites als Pinterest missen we wellicht binnen deze definitie.We hebben het ook over hoe je als school gebruik kunt maken van de social media (bijvoorbeeld via de app Klasbord).Webtools: zijn goed geschikt om in te zetten bij gebruik Mobile DevicesTIP: BLOG VAN TIM RYLANDSOpdracht: Zoek 3 webtools die geschikt zijn voor je onderwijs.Ik ben op zoek geweest naar leuke webtools, maar er is zo ongelooflijk veel dat ik het lastig vind om 'zo maar' een app of webtool uit te zoeken en daar een lesidee bij te bedenken.Ik kijk liever andersom: ik heb een lesdoel, hoe kan ik dit lesdoel op een boeiende manier bereiken? Ik denk dat je dan heel goed uit kunt komen bij een van de vele mogelijkheden.Toch heb ik er een aantal opgezoct:Voor leerlingen: Atlas, Puppet Pals, Codeacademy (programmeren).Voor leerkrachten: EduCreations, Puppet Pals, TelligamiVoor organisatie: Prowise connectMedestudenten kwamen ook met de volgende opties:Geocube: leuke manier van presenteren (informtie laten vergaren en verzamelen).Google streetview: niets is wat het lijkt (maakt van een adres een wereldbol, vervormt de werkelijkheid).3M Streetwise: vergelijkbaar met www.schoolopseef.nlDeze webtools lijken mij zeer bruikbaar in de praktijk.Games en virtual reality neemt een grote rol in het leven.Filmpje "Future learning" over motivatieSerious gaming: ontdekken, snelle beloning, relevantieGeef kinderen de ruimte zelf te leren: toegang tot internet, mogelijkheid tot samenwerken en de afwezigheid van de leerkracht, zodat ze zelf gaan ontdekken.Curriculum: lezen, informatieverwerkingsvaardigheden, geloof: bescherm kinderen tegen indoctrinatie.Er volgt een leuke discussie over het belang van schrijfonderwijs en motoriek. Sugata Mitra heeft het ook over het afschaffen van rekenonderwijs.De meningen zijn hier duidelijk over verdeeld.Opdracht:Onderzoek in tweetallen wat de impact is van mobile devices en social media heeft op:- didactiek- inhoud- curriculum- toetsing- schoolgebouwWij hebben een keuze gemaakt uit drie bovenstaande onderdelen: 1. Schoolgebouw Infrastructuur moet goed geregeld zijn. Dekkende WIFI, voldoende bandbreedte toegang tot voldoende en recente, bruikbare apparatuur. Flexibele werkplekken zijn steeds meer noodzakelijk. 2. Inhoud Blijf een rijke leeromgeving aanbieden. Leerlingen gaan op zoek naar wat hen interresseert, maar je moet ze wel bepaalde input blijven geven.Zorgen voor goede voorbereiding, Flipping the Classroom. Adaptief onderwijs aanbieden door middel van inzet van ICT. Samenwerking via Google Doc's, overleg via Skype/Hangout/Facetime.3. Toetsing De toetsing kan veel gepersonaliseerder. Waarom iedereen op dezelfde manier toetsen? Waarom niet kijken wat een individueel kind op een bepaald moment beheerst? Einddoelen hoeven niet voor iedereen hetzelfde te zijn.Kijken naar webtools als Socrative, klasoverhoringen, kennis peilen, evalueren via online programma's.Maar ook individueel door middel van methodisch gebonden software als Ambrasoft.4. DidactiekDe invloed op je didactiek zal enorm zijn. Wanneer je werkt met mobile devices, werk je op een andere manier. Er zal waarschijnlijk vooral een omslag plaatsvinden van leerkrachtegestuurd onderwijs naar leerlinggestuurd onderwijs. Je moet als leerkracht goed blijven afwegen welke keuzes je maakt en waarom.5. CurriculumDaar moet het grootste verschil gemaakt worden. Welke doelen stel je vast, hoe wil je vervolgens je einddoel behalen. Wat is je visie?Idee Margreet en Lia: Wet en regelgeving zal aangepast worden. Life-long learning. Doorlopende leerlijn (vanaf wanneer een leerling er aan toe is). Geen (CITO)toetsen meer. Toetsing gebeurt wanneer je daar klaar voor bent. Effect: klasdoorbrekend, flexibele ruimtes die passen bij de diverse competenties, docent wordt meer coach. Motivatie leerling is belangrijkste drive, kiezen eigen context en tools. Delen van succeservaringen, digitaal portfolio bijhouden.Werken volgens big questionsWat zijn goede vragen? Waarom-vragen blijven je het meest triggeren om tot antwoorden te komen.Didactiek van afwezige docent
